In 1962 verscheen de inmiddels klassiek geworden publicatie ‘Kopij en druk in de Nederlanden. Atlas bij de geschiedenis van de Nederlandse typografie’ van W.Gs. Hellinga, met bijdragen van H. de la Fontaine Verwey en G.W. Ovink. Eerstgenoemde bracht in een cultuurhistorische schets het boek in beeld van de vijftiende tot en met de twintigste eeuw. Ovink richtte zich op het productieproces van het boek en dan met name op de technische ontwikkelingen met betrekking tot boekdruk en illustratie.
Nu, bijna vijfti…





